Gobsmag interview: Fink is veel meer dan een singer-songwriter
 


“Het mocht wat ons betreft nu wel wat grootser en minder simpel.”

fink_456_001Het gaat lekker met Fink: 11 juli verschijnt nieuw album Hard Believer, single Looking Too Closely is 3FM megahit, Lowlands staat op het tourschema en beide shows in Paradiso (22 en 23 november) staan op uitverkopen. Vinden wij mooi: Gobsmag houdt van Fink.

Door Rob Verkerk / @Verkerk_Rob

Op een van de eerste echte zomerdagen van 2014 sprak Gobsmag in Amsterdam met de band Fink. Drie ongeschoren veertigers met ondertussen alweer vijf studioalbums in de rugzak. Kortom een repertoire waar menig artiest trots op kan zijn en waarmee een tal van shows gevuld kan worden.

Dat deed Fink dan ook tijdens de laatste, immens populaire wereldtour die wel achttien maanden duurde. Tijdens de tour die in het teken stond van het in 2011 verschenen album Perfect Darkness bracht de band ook nog eens twee live-albums voort: Wheels Turn Beneath My Feet en Fink Meets The Royal Concertgebouw Orchestra. Een sabbatical van een jaartje of twee zat er voor deze drie heren niet in nadat laatstgenoemd optreden/album de band nieuwe inzichten gaf in zijn bescheiden doch rijke klankenpalet.

Voor wie de band nog niet kent een korte introductie:

Fin Greenall (zang/gitaar): Van oorsprong een Ambient/Techno DJ, bracht na zijn in 2000 verschenen elektronische solo-album Fresh Produce pas zes jaar later plots een bluesy-folk plaat uit. Geen risicoloze zet voor een goed ontvangen DJ. Toch besloot platenlabel Ninja Tune door te zetten met Fink, die ineens uit drie mannen bestond, en bracht de plaat onder Ninja Tune uit (een primeur voor het label dat zich specialiseert in EDM). Fin zingt met soul en houdt ervan genres te overstijgen en te doen samensmelten.

Tim Thornton (drums): Toen Fin het omstreeks 2006 besloot over een andere boeg te gooien diende Tim zich aan als slagman. Hoewel slagman, op de eerdere albums is het voornamelijk een rustige beat volhouden van voor tot achter. Subtiele drumpartijtjes die het vroegere werk van Fink een goede basis gaven en deed opvallen tussen alle andere rustige acts die de singer-songwriter-golf rond 2006 voortbracht.

Guy Whittaker (bas): Is een typische bassist. Neemt niet graag het voortouw in woord maar doet dat liever in muziek. Wanneer hij iets zegt is het vaak de komische noot.

Samen vormen de drie heren de band Fink. Van sterallures is absoluut geen sprake. Het broodje waarmee ze komen aanlopen hebben ze net op de hoek gehaald bij de plaatselijke bakker.

De band Fink, van links naar rechts: Tim, Fin en Guy.

De band Fink, van links naar rechts: Tim, Fin en Guy.


Gobsmag: Zo, voorlopig staat er nog geen optreden gepland in ons land! Promotiemomentjes dus. Alles een beetje doorstaan?

Fin: ‘’Ja man! Het is echt lekker druk. Gisteren waren we live te horen bij 3voor12, vanmorgen hebben we een sessie bij Eric Cortons That’s Live! opgenomen en morgen doen we een 2 Meter Sessie!’’

Een nieuwe 2metersessie! Want daar waren jullie eind 2011 ook al te aanschouwen.

Tim: ‘’Ja dat zeg je meteen goed, aanschouwen. De vorige keer waren we er niet van op de hoogte dat een 2 Meter Sessie ook op tv komt (deze nieuwe wordt op 10 augustus op FOX uitgezonden, red.). Wij hadden ons fysiek voorbereid op een radioshow, dat wil zeggen dat we opdaagden in ongewassen kleren waarbij geen enkele verdere aandacht uit was gegaan naar persoonlijke hygiëne.’’

Guy: ‘’Geen verschil met hoe we er normaal bij lopen dus.’’

Ik kan me voorstellen dat de motivatie om er altijd fris uit te zien slijt als je zo veel tourt als jullie doen. Jullie hebben tussen de 50 à 60 shows gespeeld in Nederland alleen al sinds jullie eerste bandalbum uit 2006.

Guy: ‘’Geen wonder dat ik me in tien jaar tijd vijftig jaar ouder heb zien worden.’’

Fin: ‘’Vijftig shows? Dat is wel bizar inderdaad, vooral als je kijkt hoe klein Nederland verhoudingsgewijs is. Maar goed, het is geen geheim dat Nederland een speciale plek is voor ons. In Amsterdam staat Electric Monkey, een studio waar we graag komen. Verder komen we hier alle drie al vanaf onze twintigste als toerist. Het is gewoon een interessante plek.’’

Tim: ‘’Ik heb het idee dat Nederland ook de eerste plek was waar we het gevoel kregen dat we werden begrepen. Hier is het allemaal gaan rollen zeg maar. We hebben veel clubshows gedaan met de Sort Of Revolution tour en vanzelfsprekend de daaropvolgende Perfect Darkness tour. Het is leuk om buiten een bepaalde comfort zone te stappen maar het is ook erg fijn om een comfort zone te hebben als Nederland.’’

Dat is inderdaad te begrijpen. Toch gaan jullie binnenkort buiten de comfort zone stappen want jullie gaan debuteren in landen als Griekenland.

Fin: ‘’Dat klopt ja! Het is een festivalshow dus dan spelen we de hits. Puur zodat er niets mis kan gaan. De bekendere nummers van vroegere albums afgewisseld met een paar nieuwe tracks. Er is per slot van rekening maar een kans op een goede eerste indruk, en ik wil graag nog terug naar Griekenland.’’

Keren jullie dan zo graag terug naar veroverde gebieden?

Fin: ‘’Nee dat absoluut niet. We reizen graag en festivals zijn daar als artiest zijnde een van de beste mogelijkheden toe. Een festivalprogrammeur durft verder te kijken of spannende bands te boeken. We willen die verwachting dan natuurlijk ook wel waarmaken. Maar in 2014 doen we een headline-tour waarbij we de geijkte zalen afgaan. Daarna in 2015 is het de bedoeling dat we van de gebaande paden gaan afwijken en nieuwe plaatsen en plekken gaan aandoen.’’

streamerfinkIets heel anders. Jullie worden door vele soorten media nog steeds genoemd als Fink de singer-songwriter, wat vinden jullie daarvan?

Guy: ‘’Ja, wat kan je daarover zeggen. Het geeft niet natuurlijk zolang mensen de muziek maar waarderen. We zijn geen diva’s die zullen gaan strijden om erkenning of uit de schaduw van Fin willen stappen. Zo voelt de groepscohesie namelijk ook helemaal niet. Fink is natuurlijk ook wel echt begonnen als een solo-project van Fin, wij waren daar in eerste instantie bijgekomen als sessie- en tourmuzikanten. Gaandeweg is het geëvolueerd naar een gelijkwaardige band waarin we elkaar echt als een trio zien.’’

Fin: ‘’Het is moeilijk uit te leggen. Ik ben namelijk een zanger, en ik schrijf liedjes. Dus ik ben een singer-songwriter, maar ik geloof graag dat er meer in mijn muziek schuilt dan dat er in het tegenwoordige stigma singer-songwriter zit.
Wat wel echt heel cool was om mee te maken was dat ik eens over straat liep en iemand in zijn auto voorbijreed, vol in de remmen ging, zijn raampje open draaide en riep: ‘’Hé jij bent toch de leadzanger van Fink?’’ Ik voelde een soort van plaatsvervangende erkenning (als dat bestaat)? Ik dacht: ‘’Ja, dat klopt! Ik ben inderdaad de frontman!’’ Dat voelt voor mij ook veel fijner, als ik nu een solo-show zou spelen zou ik dat zelf ook niet zien als een Fink-show, dat zou een Fin-van-Fink-show zijn. Als het publiek mij als Fink zouden zien dan wordt de input die Guy en Tim teniet gedaan.’’

De input van Tim en Guy dus. Hoe is dat met de opnames van jullie nieuwe album gegaan?

Tim: ‘’Bij het vorige album hebben we de nummers achterstevoren geschreven. Om het allemaal een beetje op te schudden. Toen hadden we gewoonweg urenlang jamsessies en ontstonden de nummers heel organisch. Fin pakte uit die uren dan een aantal stukken die hij het beste vond en daar gingen we dan op voortborduren.
Nu hebben we weer een meer traditionele manier van schrijven aangehouden. Het was niet zoveel jammen, maar we kwamen alle drie met een aantal riffs de studio binnen en daar gingen we dan mee aan de slag. Ook haalden we onze inspiratie voor teksten uit oude e-mails en andersoortige berichten die we elkaar hebben gestuurd door de jaren heen. ‘’

Fin: ‘’Het schrijfproces is voor ons het najagen van beter zijn dan dat we hiervoor waren. We hebben in verschillende studio’s (waaronder Electric Monkey) een aantal goede nummers/demo’s opgenomen. Aangezien we erg blij waren met onze vorige albums wilden we die eerste opnames niet teveel verkloten, maar tegelijkertijd hebben we wel bewust een album met meer ambitie gemaakt. Het mocht wat ons betreft nu wel wat grootser en minder simpel.
Dat wil niet zeggen dat het allemaal heel ingewikkeld is. Er staat een nummer op het album dat begint met drie akkoorden en eindigt met die drie zelfde akkoorden. Dat heb ik afgekeken van andere artiesten die me inspireerden. Het nummer sleept je als het ware mee en lijkt heel diep te gaan maar als je dan echt als muzikant naar het lied luistert is het ineens heel simpel. Geweldig vind ik dat, dat wilde ik ook eens doen.’’

Van wie kijk je zoiets dan af?

Fin: ‘’The Rolling Stones bijvoorbeeld, zij zijn voor mij de meesters van minimalisme in een bepaald opzicht. We speelden op het British Summer Time Festival in Hyde Park op dezelfde avond als The Stones. Het was geweldig om de ze aan het werk te zien. Er wordt al jaren gespeculeerd dat ze niet echt zelf zouden spelen maar dat is onzin. Die gasten staan er gewoon nog en het was echt bizar goed!’’

Tim: ‘’We hebben die show gedaan voor een ticket. De vergoeding die we anders zouden krijgen voor de gig was net zo hoog als de prijs van onze crew. We probeerden er nog over te praten maar toen zeiden ze vrij snel: ‘’Ja, maar de Stones zijn niet goedkoop. We hebben anders nog wel dertig andere bandjes die graag je plek in nemen.’’ Toen zeiden we natuurlijk snel dat, dat niet nodig was en dat we onze show wel gewoon zouden spelen en daarna The Stones dan wel graag zouden willen zien.’’

Guy: ‘’British Summer Time is echt geweldig, het is alleen zo jammer dat er gradaties bestaan voor het type publiek. Een ‘golden circle’ is echt het meest beledigende richting fans wat ik ooit heb gehoord, het druist echt tegen alles in wat ik zou willen als artiest.’’

Fin: ‘’We maakten er ook grappen over. Volgens mij kun je bij British Summer Time Festival een handschudding kopen. De opties zijn eindeloos, zolang je maar genoeg betaalt. Maar goed het was echt een van de beste optredens die ik ooit heb gezien. Ze communiceren niet eens zo heel veel maar dat is ook niet gek als je al dertig jaar de hits speelt. Je weet dan precies wat je wanneer moet spelen. Het was echt absurd. Het nummer Too Late (van het nieuwe album Hard Believer, red.) is voor mij een goed voorbeeld van mijn ‘inner-Mick’, het refrein bevat maar twee woorden.’’

streamerfink2Terug naar jullie schrijfproces, jullie hebben voor Hard Believer, net als voor Perfect Darkness, weer samen gewerkt met producer Billy Bush (Garbage, The Boxer Rebellion, Jake Bugg). Wat betekent hij voor jullie als band?

Tim: ‘’Hij is een enorm veilig paar handen. Hij zal nooit iets afleveren wat mogelijk slecht zou kunnen zijn. Wat zich naar ons vertaalt als een groots vertrouwen. Billy was de eerste die tegen ons zei: ‘’Kom op, laten wij die nieuwe plaat gaan maken.’’ Dat schept meteen een band, wij zien het als eer dat hij ons wil helpen en hij werkt graag met ons.’’

Fin: ‘’Hij is echt een old-school producer. Als ik hem mail dat ik volgende week zou kunnen opnemen dan regelt hij alles voor ons zonder tussenkomst van een of andere agent. Dat vind hij denk ik ook zo fijn aan ons, in die zin zijn wij namelijk best wel een indie-band. Er zal niemand zijn die zegt dat de plaat opnieuw moet worden opgenomen omdat het niet goed genoeg zou zijn of iets dergelijks. Dat werkt voor Billy natuurlijk ook fantastisch. Muzikanten moet je muziek laten maken.’’

Tim: ‘’Billy hangt niet graag rond met de A&R types etc. Op een dag kwam Peter Quicke van Ninja Tune bij ons langs in de studio en Billy kroop met zijn Fender weg in de hoek en ging een beetje mompelend een liedje in zichzelf zitten spelen. We moesten hem er echt van overtuigen dat Pete een relaxte kerel is en dat hij geen standaard platenlabel-dude is. Billy moest er alsnog niets van hebben.”

Ninja Tune? Jullie hebben dit album toch uitgebracht op jullie eigen label R’COUP’D?

Fin: ‘’Ja dat klopt! R’COUP’D kan je zien als een nieuwe subdivisie van Ninja Tune. Het is opgericht door ons, speciaal voor het nieuwe album. Vriendschap, loyaliteit en respect zijn in de muziekbranche een schaars goed. Meer en meer vrienden/muzikanten stuiten op de negatieve kanten van een major label. Soms benijd ik ze vanwege de cheques die ze krijgen uitgeschreven maar twee jaar later worstelen diezelfde mensen ermee om hun muziek überhaupt uit te brengen. Daarom wilden we niet weglopen van Ninja Tune na al het vertrouwen dat ze ons hebben geboden.
Maar het geeft ons de definitieve artistieke zekerheid dat we echt nergens rekening mee hoeven te houden. Stel dat onze volgende plaat echt te ver verwijderd staat van Ninja Tune, dan kunnen we op eigen benen staan en dan hoeft dat niet lelijk uit elkaar te gaan. Daarnaast biedt het ons de mogelijkheid om toffe bands te tekenen waarin wij zelf wat zien en hebben we plannen voor een remix-album.”

Een remix-album? Als in terug naar de techno-jaren of…?

Fin: ‘’Nee, gewoon in de stijl die mensen van ons gewend zijn! We hebben het er vaak over om een soort ‘Best Of’ te maken maar in plaats van alle nummers op één album te gooien zouden we de nummers dan opnieuw willen opnemen.’’

Tim: ‘’Als we onze oudere albums terugluisteren hebben we het altijd over aspecten die beter hadden gekund of nog mooier zouden zijn. Het zou echt enorm tof zijn om onze beste tracks opnieuw op te nemen.’’

Fin: ‘’Jazeker, en het zou dan ook niet uitmaken wanneer we dat zouden uitbrengen. Op ons eigen label zouden we zo zes albums in een jaar uit kunnen brengen. Hoewel Ninja Tune ons nergens in tegenhoudt is het natuurlijk logisch dat zij er niet op zitten te wachten dat we dat even gaan doen. Nu ligt dat meer in onze eigen handen.’’

Het sluit ook goed aan bij de term ‘ambitieus’, een woord dat jullie veel gebruiken om de sound van jullie nieuwe album aan te duiden. Waar komt die drift tot ambitie precies vandaan?

Tim: ‘’Onder andere het optreden met het Royal Concertgebouw Orchestra. Het was niet alsof we na die gig dachten dat we op de nieuwe plaat met een orkest moesten gaan werken maar het had wel degelijk betrekking op de omvang van ons geluid. Er zat een grootsheid in elk klein liedje dat we hebben geschreven en in plaats van dat achteraf toe te passen op onze nieuwe nummers hebben we daar nu op vooruit gewerkt.
Het nummer Pilgrim op onze nieuwe plaat bijvoorbeeld heeft een enorme omvang, waarop je niet duidelijk kunt onderscheiden welke instrumenten je precies hoort. Althans, niet zoals op ons vroegere werk (gitaar, bas, drums). Het mengt meer, zoals een orkest. Geen gebonden individualiteit maar een ware muzikale cohesie.’’

Wisten jullie trouwens dat jullie op de laatste, officiële Koninginnenacht hebben gespeeld?

Tim: ‘’Ja nu je het zegt! Vorig jaar gaf de koningin de kroon door! We waren toen in Amsterdam.’’

Ja zijn jullie zo koningsgezind?

Fin: ‘’Neem we waren hier voor een schrijfsessie, die zo verschrikkelijk slecht gepland was. Ze hadden ons gevraagd of we op die datum in Amsterdam konden zijn en wij stonden er natuurlijk niet bij stil dat Amsterdam dan echt een ramp is om door te komen. We liepen de dag voor de troonwissel door de stad en zagen allerlei voorbereidingen en dachten nog: ‘’Hmmm, er is vast een feest binnenkort.’’ De volgende dag liepen we de deur uit van ons hotel om vervolgens tegen allerlei oranje geklede mensen aan te botsen.
Hoe dan ook, we zijn ’s avonds naar José James’ optreden gegaan met het Royal Concertgebouw Orchestra. En het was alsof je, je broer het zag doen met je vriendin. Het voelde zo raar, dat waren wij vorig jaar en nu was het van hem of zo. Neemt absoluut niets weg van José natuurlijk, hij is geweldig en een hechte vriend. We hebben zelfs nog meegeschreven aan zijn vorige album. ‘’

Guy: ‘’Alleen daarom al is hij geweldig natuurlijk!’’

Fin: ‘’We zaten ook nog eens op de meest rare plek die we hadden kunnen krijgen. We zaten schuin achter het orkest ter hoogte van de tuba. Dus dat was het enige dat we die avond hebben gehoord. Een tuba met wat gemompel van José tussendoor.’’

Tim: ‘’Na de show zijn we er maar tussenuit geglipt om ergens buiten het centrum maar een rustig biertje te doen. Al die oranje hits en een paar uur tuba was iets te veel voor ons!’’

Al die Hollandse liefde leidde jullie uiteindelijk naar onze enige echte Ruben Hein?

Fin: ‘’Haha, ja! Ruben is ontzettend goed, we moesten hem er gewoon bij hebben. We hoorden hem spelen en zeiden meteen: ‘’Yo dude! Jou moeten we hebben, als je beschikbaar bent natuurlijk.Hij reageerde daar erg enthousiast op en we hebben hem toen overgevlogen en hij speelde in no-time zes nummers in voor ons.
Ik heb de laatste jaren een beetje(!) leren pianospelen en deed hem wat dingetjes voor die ik in gedachten had. Als in: ‘’Pling, ploink, pling, plang.’’ En Ruben zei dan meteen: ‘’Oh ja, dan maak ik daar dit akkoord van en dan arrangeer ik dit zo en zo.’’ Ik stond echt met mijn bek vol tanden dat hij uit die vier noten zoveel wist te halen en alles nog mooier wist te maken dan dat ik zelf in gedachten had. En hij heeft ook nog eens een prachtstem.’’

Jullie zijn niet vies van een beetje samenwerken. Fin schijnt ergens in een kluis een paar tracks met Amy Winehouse te hebben liggen, jullie hebben samengewerkt met John Legend en José James om maar wat voorbeelden te noemen. Wat zouden jullie nou echt de ultieme samenwerking vinden?

Tim: ‘’Ik zou graag met een andere drummer willen werken.’’

Guy: ‘’Anders ik wel, haha!’’

Tim: ‘’Haha, ja vast! Maar ik zou graag met een Afrikaanse drummer/percussionist. Een beetje zoals Damon Albarn met Tony Allen in de band Rocket Juice And The Moon.’’

Fin: ‘’Ik ben een groot fan van Daughter, ik vond hun laatste album echt heel mooi. Een band-on-band samenwerking met hun zie ik daarom wel zitten. Of met Ben Howard, hij is een goede vriend van me en ik heb wel een muzikale klik met hem.’’

Guy: ‘’Ik werk al met al de muzikanten die ik nodig heb in mijn leven. Ik wou dat, dat gevoel wederzijds was, haha! Maar even zonder gekkigheid, ik zou er alles voor over hebben om met Stuart Copeland samen te werken. Ik heb mijn basheld, Sting, jaren zien werken met hem en die kerel kan een aardig potje slaan, niet lullig bedoelt richting Tim natuurlijk!’’

Fin: ‘’De meeste muzikanten waarmee je samen zou willen werken zijn allemaal dood. Maar Damon Albarn is echt een collab-koning. Hij heeft pas onlangs zijn eerste solo-plaat uitgebracht, wat echt ongelofelijk is als je bekijkt hoeveel muziek die gast heeft gemaakt.’’


Damon Albarn – Mr. Tembo

Nu even over de tekstinhoud van Hard Believer. Eerste single Looking Too Closely gaat over het zien van het grotere plaatje?

Tim: ‘’Klopt, het is een antwoord op het eeuwenoude gezegde: door de bomen het bos niet meer zien. Een advies aan mensen om af en toe een stap terug te doen en niet blind te staren op de details.’’

Op het nummer Shakespeare opent Fin met de woorden: ‘’Why do they teach us Shakespeare, when we’re only sixteen?’’ Hoewel het nummer zichzelf redelijk uitlegt voelt het alsof er meer achter schuilgaat. Is dat ook zo?

Fin: ‘’Er zitten twee kanten aan die track. Ik heb altijd een nummer willen schrijven over waarom je bepaalde dingen leert op school terwijl je daar werkelijk geen enkel begrip voor kan hebben. Wat weet de gemiddelde zestienjarige nou werkelijk van het leven, verlies, liefde, politiek en financiën?
Maar ook ging het mij er om dat jongens/mannen echt van alles op willen geven voor hun liefde. Ze offeren werkelijk alles op als het moet. En dat wordt dan enorm geromantiseerd in films, terwijl liefde zoals iedereen waarschijnlijk weet ook dodelijk kan zijn.’’

Tim: ‘’Het nummer behoedt mensen eigenlijk op het einde. Veel mensen zien Shakespeare als het ultieme liefdesverhaal maar dat is het helemaal niet. Het is een freaking slachtveld op het einde. Eigenlijk zeggen we met dat nummer dat mensen niet de pagina moeten omslaan.’’

Fin: ‘’Daarnaast zit er ook een grapje in verwerkt. Ik zing op een gegeven moment: ‘’You, you taught me so much about you.’’ Wat ik zelf wel een mooi cynisch grapje vind. Alleen lacht niemand er tot nu toe om.

Guy: ‘’Een mooie albumtitel voor je volgende solo-project Fin: Nobody’s Laughing!’’


Fink speelt op het Lowlands festival en 22 en 23 november in Paradiso, Amsterdam.

Like Gobsmag op Facebook:

Geplaatst door in de categorie op