Stefans 25: De muziekwet van Kings of Convenience
Dit is de basis

Afgestudeerd neerlandicus Stefan Meeuws schrijft voor Gobsmag over z'n 25 meest beluisterde albums. Deze week nummer 4: Quiet Is The New Loud (2001) van Kings of Convenience.



Stil klinkt het nieuwe luiden

QuietIsTheNewLoudHet is een kunst, hoor, dat fans je op hun blote knieën danken dat je eindelijk een plaat hebt gemaakt. Damien Rice verstaat die kunst. Kings of Convenience ook. Quiet is the new Loud is al ruim 13 jaar oud, maar er zijn slechts twee echte studioalbums van de Kings of Convenience verschenen sinds dat debuut. Bij sommige bands zou dat gewoon betekenen dat je die platen – en de band – langzaam vergeet, maar bij Kings of Convenience was en is dat niet het geval. Gezien de stijgende populariteit bij ieder nieuw album is dat bij veel andere fans ook niet het geval.

https://www.youtube.com/watch?v=KhiaIXp79Is

Als muzieknerd luisterde ik niet alleen de platen, maar praatte ik er ook over met gelijkgestemden. Voornaamste plek waar ik dit deed, was op het Turin Brakes forum, maar op het Kings of Convenience forum was het ook heel gezellig. Juist omdat daar ook veel Italianen, Japanners, Mexicanen en mensen uit Scandinavië zaten. Zo heb ik ooit nog post uit Amerika en Italië gekregen met opnames van de Koningen van het Gemak (de Amerikaanse kon ik niet afspelen omdat er iets raars met die videoband was). Ik was dan ook niet zomaar iemand op dat forum, ik was de Grote Leider, de Administrator.

Dat werd ik uiteraard niet zomaar. Maar goed, erg veel glamour bracht de rol niet (veel spamposts verwijderen en verder had je andere kleur username). Maar toch, ik was als tiener de baas over mensen die ik nog steeds niet heb ontmoet. Hoewel ik er een paar wel eens in het echt ben tegengekomen (soms zelfs niet bij een concert van de Kings), en Erlend me nog eens in het Noors op de achterkant van een 7″ single heeft bedankt voor “Admin-Online hjelp og in-depth-kommentarer pà nettsider.” Dat is Noors, toch?

Maar goed, zo vermaakten wij ons, Kings of Convenience fans, op het forum tot eindelijk een nieuw album uitkwam. Voor die opvolger Riot on an Empty Street uitkwam, schreven we elkaar over van alles, maar vooral ook over Quiet Is The New Loud. Of het nu gaat om opener Winning The Battle, Losing The War, over single Toxic Girl, de combinatie The Girl From Back Then en Singing Softly To Me…. Ik ken bijna iedere noot uit mijn hoofd.

Toxic Girl nam ik ooit samen met een vriend van mij op door over de muziek heen te zingen. Volgens mij hebben we er – net als van onze eerste echte single – zelfs een banjo remix van gemaakt. The Passenger, verreweg het slaapverwekkendste nummer, coverden we – waarbij ik de tweede gitaarsolo aan het eind speelde. En Leaning Against The Wall deden we ook, met die heerlijke glijdende gitaarpartij. Good times.

In 2004 ging ik samen met die vriend, zijn ouders en mijn vader naar een concert van de Kings in Paradiso. We moesten netjes zitten en het was het meest nerdy concert dat ik ooit heb bezocht. Natuurlijk, ook als je nu nog naar een van de zeldzame concerten van de Kings of Convenience gaat, moet je meezingen en meeklappen en neuriën, dat kan ook omdat de muziek vaak zo zacht is. Maar toen, toen leek het nog niet op een podiumtruc, maar op een experiment van de band. Waarbij het nog maar afwachten was of het ging werken. Waarbij een single als I’d Rather Dance With You nog niet zo vaak gespeeld was dat de dans van Erlend nog spontaan voelde. Er was niks rock-n-rolls aan die avond. Little Kids, Cayman Islands… Het waren stuk voor stuk hoogtepunten. En als afsluiter kregen we het flauwe Everybody’s Got A Friend In Stockholm.

Die avond was vooral ook legendarisch voor me omdat de heren maar twee albums hadden gemaakt, waarvan er eentje al ruim drie jaar in mijn hart was gesloten. Ieder album heeft een functie in mijn leven. Quiet Is The New Loud doet me bijvoorbeeld terugdenken aan de simpele middelbare schooltijd, die niet zo simpel was maar nu wel zo aanvoelt. Dat alles nog voor je lag, dat je niet beter wist. Uit de liedjes – met name het eerder genoemde Toxic Girl en I Don’t Know What I Can Save You From – komt een soort naïviteit voort. Dat het met het zetten van een kop thee wel goed komt, of dat dat meisje gewoon giftig was en je daarom geen blik waardig gunt. Het zijn simpele taferelen, maar daarom werken ze juist. Toen de cd uitkwam werd er geklaagd over het gebrek aan humor en ironie of snellere nummers, misschien juist omdat dan wordt verwacht van een album dat het commercieel presteert. Maar 13 jaar na dato is het juist het gebrek aan een single of hit de sterke factor. Als de vermoeidheid toeslaat na een lange, vermoeiende dag, is het daarom juist dat deze plaat altijd werkt. Altijd.

Als er een nummer met enige hitpotentie op deze plaat staat, dan is het Failure, maar het refrein is nou niet bepaald catchy met z’n:

Failure is always the best way to learn
Retracing your steps until you know
Have no fear your wounds will heal…

(En nu allemaal!)

Het zijn eigenlijk allemaal teksten van anglofiele (‘The Guardian’, ‘put the kettle on’) intellectuele twintigers die de wijsheden van de wereld verkondigen maar tegelijkertijd alleen maar over liefde zingen. Op latere platen (met name Declaration of Dependence) zwelt maatschappijkritiek aan, maar hier zijn de prioriteiten nog vrij simpel.

Dan de afsluiter Parallel Lines. Ik heb een soort angst voor het in slaap vallen met een cd. Omdat de stereo niet zichzelf uitschakelt, zet ik liever niet een cd op als ik ga slapen. Omdat anders het huis misschien afbrandt, of iets dergelijks. Maar Parallel Lines luister ik graag als laatste geluid van de dag. Een beschouwend nummer, abstract in bewoording maar volledig raak qua thematiek. De tekst van de coupletten beschouw ik nog steeds als één van de mooiste ooit:

What’s the immaterial substance that envelopes two
One perceives as hunger and the other as food
I wake in tangled covers to a sash of snow
You dream in a cartoon garden, I could never know
Innocent imitation of how it could be
If when the music ended, you did not retreat
In my imagination, you are cast in gold
Your image a compensation for me to hold

Quiet Is The New Loud werd zo’n beetje een mantra voor de muziekpers toen de plaat verscheen. Ook voor mij werd het lange tijd een muziekwet. En hoewel ik inmiddels ook hardere muziekvormen waardeer is dit de plek geweest van waaruit ik ben vertrokken. Dit is de basis. Hier begon het. Stil klinkt het nieuwe luiden is zelfs een beetje toepasbaar op mijzelf, als persoon. Misschien is het wel dat ik soms verlang naar een wereld waar het zo simpel is. Waar er ruimte is voor reflectie en bezinning en dat mensen daardoor hun acties bepalen. Misschien is Quiet wel een introvert album. Ze bestaan, die introverte mensen, en zij zijn vaak mijn favorieten. En iedere keer als ik Quiet Is The New Loud opzet, droom ik even van een wereld waarin zij niet alleen the battle winnen, maar ook the war.


Luister naar Quiet Is The New Loud:


Afgestudeerd neerlandicus Stefan Meeuws is gespecialiseerd in het schrijven van teksten en concepten. Z’n laatste project is het onder de loep nemen van de 25 meest geluisterde albums volgens z’n LastFM-account.

Eerder in deze serie:
#25: Tom McRae – Tom McRae (2000)
#24: Kate Walsh – Light & Dark (2009)
#23: Ane Brun – Spending Time With Morgan (2000)
#22: Coldplay – A Rush Of Blood To The Head (2002)
#21: Lisa Hannigan – Sea Saw (2008)
#20: I Am Kloot – Natural History (2005)
#19: Richard Swift – Walking Without Effort (2005)
#18. Turin Brakes – We Were Here (2013)
#17. Nick Drake – Pink Moon (1972)
#16. Richard Swift – Dressed Up For The Letdown (2006)
#15. Ewert And The Two Dragons – Good Man Down (2011)
#14. I Am Kloot – I Am Kloot (2003)
#13. Thomas Dybdahl – What’s Left Is Forever (2013)
#12. Ray LaMontagne- Trouble (2004)
#11. Tom McRae – Just Like Blood (2003)
#10. Ray LaMontagne – Till The Sun Turns Black (2006)
#09. The Whitest Boy Alive – Dreams (2006)
#08. Turin Brakes – Ether Song (2003)
#07. Elbow – Asleep In The Dark (2001)
#06. Travis – The Boy With No Name (2007).
#05. Ane Brun – Changing OF The Seasons (2008)

Like Gobsmag op Facebook:

Geplaatst door in de categorie op